Bladluis op paprika

Bladluisresistentie in Paprika

In de paprikateelt kunnen bladluizen een groot probleem vormen. Ze veroorzaken directe schade aan het blad, bloemen en vruchten. De belangrijkste schade doen ze echter indirect door het overbrengen van virussen. Biologische bestrijding met sluipwespen wordt toegepast maar is duur, en niet altijd afdoende omdat de bladluizen zich zeer snel vermeerderen. Zowel voor de biologische als de gangbare teelt zouden resistente rassen een welkome aanvulling zijn.

Aanpak

  1. Identificatie en validatie van resistentiebronnen – (Her)toetsen van verschillende wilde verwanten van paprika (Capsicum annuum) op resistentie tegen bladluizen (Myzus persicae). Daarnaast is getoetst met Macrosiphum euphorbiae om na te gaan of de resistentie ook tegen andere insecten werkt.
  2. Materiaalontwikkeling voor vervolgonderzoek – Intelen van resistent en vatbaar plant materiaal om meer homogene lijnen te krijgen. Maken van kruisingen tussen de meest resistente en vatbare inteeltlijnen om populaties te krijgen voor vervolgonderzoek naar de overerving van de resistentie.
  3. Onderzoek aan het resistentiemechanismen – De Electrical Penetration Graph (EPG) techniek is toegepast om inzicht te verkrijgen in de locatie van resistentie componenten.

Resultaten

  1. Uit het voorafgaande onderzoek was gebleken dat er grote verschillen zijn in resistentie tussen accessies en waren een aantal veelbelovende resistentiebronnen geselecteerd welke in 2014 bevestigd konden worden. De resistentie had vooral effect op het aantal nieuw geproduceerde bladluisnimfen, hetgeen resulteerde in een veel tragere populatieopbouw op de meest resistente accessies. Ook bleken deze bronnen resistentie te geven tegen M. euphorbiae. Hieruit blijkt dat de resistentie breder werkt dan alleen tegen M. persicae.
  2. Er is een meer homogene inteeltlijn uit de meest resistente accessie gemaakt. Zaden van deze lijn zijn aan de deelnemende bedrijven ter beschikking gesteld. Wageningen UR Plant Breeding heeft een kruising gemaakt tussen deze resistente lijn en een vatbare. Op basis van die kruising is zaad verkregen voor een F2 populatie die te gebruiken is voor genetisch onderzoek naar de resistentie.
  3. Het gedrag van luizen op de ouders van de F2 populatie is gekarakteriseerd m.b.v. EPG. Hieruit bleek dat M. persicae op de resistente en vatbare accessie geen verschillen laat zien in de pre-floëem fase (d.w.z. voordat de luis zijn stylet tot in het floëem gebracht heeft), met uitzondering van het aantal malen dat een cel wordt aangeprikt op weg naar het floëem. Zeer duidelijke verschillen zijn gevonden in de floëemfase-gerelateerde resistentieparameters.
  4. Er is een projectvoorstel geschreven voor vervolgonderzoek. Dit voorstel is gehonoreerd door TKI en zal binnen het programma Groene Veredeling worden uitgevoerd.

Partners

Wageningen Plant Breeding

Syngenta Seeds BV, Bayer CropScience Vegetable Seeds.